Dar-es-Salaam, dinsdag 4 januari
Pfff… warm hier in Dar, maar de airco draait op volle toeren dus ik hoef eigenlijk niet te klagen. Alhoewel ik liever buiten rondloop in de zon dan hier achter mijn pc-scherm in mijn wat suffe en donkere kantoortje te zitten. De airco en de duisternis zijn samen ietwat slaapverwekkend en ik heb mezelf al meermaals op knikkebollen moeten betrappen! Vooral nu mijn collega’s bijna allemaal vakantie hebben. Maar gelukkig schrik ik niet veel later meestal wel weer wakker want er is heel wat beweging in de buurt. Onze kantoren maken immers deel uit van het Rwegarulila Water Resource Institute, gelegen aan de voet van de groene berg waarop de universiteit van Dar-es-Salaam zich genesteld heeft.

M'n bureautje.
Maar goed, vandaag was er heel wat kantoorwerk, vooral omdat ik een aantal gegevens moest verwerken die ik gisteren ging ophalen in Makangarawe, één van de voorsteden (ook wel halve sloppenwijken) van Dar-es-Salaam. Gegevens die belangrijk zijn voor de verderzetting van het project.

Uitvoeren van veldmetingen op een grondwaterput te Kinyamwezi.
Het project is namelijk op het punt gekomen dat een aantal wijken van de stad zijn geselecteerd om een drinkwatersysteem te ontvangen. Deze selectieprocedure heeft veel tijd in beslag genomen en was volgens mij – hoewel ik het merendeel ervan niet heb meegemaakt – niet erg goed afgelijnd. Dit vooral door de beperkte kennis van de lokale studiebureaus die het gros van het werk dienden uit te voeren. Maar goed, ik zal toch trachten een overzichtje te geven. Hopelijk kan het jullie een beetje boeien want het is wel wat technisch…
Eerst en vooral werden door de JLPC (Joint Local Partner Committee; het sturingsorgaan van het project, met afgevaardigden van de Belgische, Tanzaniaanse en Europese overheid) een aantal gebieden afgebakend die nood hebben aan een drinkwatersysteem. Dit waren de armere wijken waar de bestaande waterinfrastructuur ontoereikend is.

Schematische voorstelling van een drinkwatersysteem.
In deze wijken werden nadien metingen uitgevoerd om een beeld te verkrijgen van de ondergrond ter plaatse. De toegepaste techniek is gekend onder de naam verticale elektrische sondering (VES). Dit is een methode waarbij een elektrische stroom door de grond wordt gestuurd met behulp van elektrodes. De afstand tussen de elektrodes bepaalt ook de diepte waarop de elektrische stroom zich door de grond begeeft; hoe groter de afstand tussen de elektrodes, hoe dieper de stroom de grond induikt. Voor verschillende dieptes wordt dan de weerstand bepaald die de elektrische stroom ondervindt; deze elektrische weerstand wordt bepaald door de textuur van de bodem (klei, zand, rots), maar ook door de aanwezige hoeveelheid grondwater én het zoutgehalte van het grondwater. Hoe meer water en hoe hoger het zoutgehalte, hoe lager de weerstand.
Deze gegevens werden vervolgens gebruikt om te bepalen in welke wijken er mogelijk voldoende grondwater van goede kwaliteit aanwezig was. Het grootste probleem in Dar-es-Salaam is namelijk het zoutgehalte van het grondwater. Op heel veel plaatsen ligt het zoutgehalte boven de toegelaten norm voor drinkwater (voor de liefhebbers: in Tanzania is dat 1,5 gram per liter).
Om de bekomen VES-metingen te staven met analyseresultaten, werden op 20 locaties testboringen uitgevoerd. De diepte daarvan was variabel (60 tot 120 meter) en de plaatsing van de filters in de boring was afhankelijk van de volgens de metingen aangewezen grondwaterlaag. Het bekomen grondwater werd geanalyseerd en het debiet werd opgemeten.

Boorkop gebruikt voor de testboringen.
Jammer genoeg waren de resultaten om bijna van te huilen. Van de 20 testboringen waren er slechts 6 die voldeden aan het gewenste debiet en de zoutgehaltenorm. Dit zou betekenen dat we nooit voldoende water kunnen oppompen om de gewenste 170.000 mensen te voorzien van drinkwater. Daarom blijft het zoeken geblazen naar andere mogelijkheden en extra locaties. Een deel kunnen we waarschijnlijk realiseren met behulp van DAWASA, de overheidsinstantie bevoegd voor de drinkwatervoorziening van Dar-es-Salaam. Zij pompen water op ver buiten de stad en voorzien de rijkere delen van Dar-es-Salaam van drinkwater. Een deel van dit water zou via ons project naar de armere wijken geleid kunnen worden.
Naast het technische aspect, speelt ook de motivatie van de gemeenschap een belangrijke rol in de selectie van de wijken waar het project wil mee verdergaan. De bedoeling is dat het project Water User Associations (WUA) opricht en opleidt. Deze watergebruikersverenigingen moeten zich bezighouden met het onderhoud van de waterinfrastructuur, zeker en vooral nadat het project afgelopen is. Als de pomp het opgeeft, moet die immers gerepareerd of vervangen worden. De elektriciteitsrekening moet betaald worden. Daar waar DAWASA water zal leveren, dient ook die rekening betaald te worden op regelmatige basis. Dit houdt in dat de WUA’s zich moeten organiseren, een rekening moeten openen, een boekhouder moeten aanstellen en mensen in dienst moeten nemen om geld te innen bij de watergebruikers (in principe gebeurt dit onmiddellijk aan de kraan). Voor grote WUA’s kan het interessant zijn een eigen technieker te hebben, andere zullen derden betalen voor deze diensten.

Organisatiestructuur van de WUA Kibedea in Mbagala Kuu.
Op basis van de combinatie van technische, sociale én financiële factoren, werden uiteindelijk 14 locaties weerhouden waarvoor een drinkwatersysteem ontworpen zal worden. Dit zijn de volgende wijken van Dar-es-Salaam (voor zij die Dar kennen): Mbagala Kuu & Mgeninani, Mtoni Kijichi & Misheni, Kibondemaji B & Kichemchem, Mwanamtoti, Mashine ya Maji, Makangarawe, Kwembe, Tabata Kisiwani, Tandale, Minazi Mirefu, Kinyerezi, Kilimahewa, Kiluvya, en Kibamba & Kibwegere.
De voorlopige ontwerpen, geprojecteerd in Google Earth, zien er uit als onderstaand voorbeeld voor Mtoni Kijichi en Misheni. De leidingen zijn er nog niet op weergegeven, maar het water wordt van de boorput (borehole) naar de twee tanks gepompt en vloeit vandaaruit door toedoen van de zwaartekracht naar de publieke waterkraantjes (DP’s). De groene cirkels stemmen overeen met het dekkingsgebied van elk van DP’s. Deze cirkels hebben een straal van 400 meter, hetgeen de Tanzaniaanse norm is voor de maximale afstand tussen een gebruiker en zijn waterpunt.

Ontwerp van het drinkwatersysteem te Mtoni Kijichi, met aanduiding van de bereikte zones.
Om nu even terug te komen op de gegevens die ik gisteren ging verzamelen: dit zijn aanvullende metingen in die wijken waar de locatie van de nieuwe boorput nog niet volledig vast ligt. Bedoeling is dat ik op die plaatsen telkens op zoek ga naar bestaande boorputten, en dan het zoutgehalte en de zuurtegraad (pH) van het water bepaal. Het opnemen van de GPS-coördinaten maakt het makkelijk om die gegevens nadien op een kaartje weer te geven, wat een duidelijk overzicht geeft van het geografische karakter van de waterkwaliteit. Op basis daarvan kunnen we dan de meest geschikte locatie bepalen voor de nieuwe put; zij het op voldoende afstand van bestaande putten om uitputting van de aquifer te voorkomen.
Dit deel van het werk is uiteraard superfijn. Ik kom in de verste uithoeken van de stad en leer de verschillende gezichten van Dar-es-Salaam kennen… het is er vaak zo anders dan in de villawijken langsheen de Indische Oceaan, waar de meeste blanken ook neergestreken zijn. Maar toch moet ik tot mijn verbazing vaak vaststellen dat er in dergelijke sloppenwijken meer infrastructuur huist dan men op het eerste zicht zou denken. Het meest opvallende is dat Dar-es-Salaam een zeer heterogene mix is van arm en rijk. Zelfs in de armste buurt woont nog wel een rijkere kerel, die zijn kapitaal benut om in zijn tuintje een waterput te laten boren en het water vervolgens te verkopen aan de buurtbewoners. Ook moskeeën hebben steeds een waterput. Op dit moment vormen deze privé-putten voor vele mensen zowat de enige betaalbare toegang tot (drink)water.

Waterpunt in Tandale.
Het nadeel is dat het Tanzaniaanse wetboek dergelijke privé-initiatieven verbiedt. De verkoop van grondwater is een materie die door de wet toegeschreven wordt aan de overheid en enkel aan de overheid. Dat betekent ook dat al deze waterpunten illegaal zijn en dat, hoewel de lokale instanties goed op de hoogte zijn van hun aanwezigheid, ze deze moeten toestaan omdat er gewoon geen alternatieven zijn. Het grote minpunt is echter dat het illegale karakter ervoor zorgt dat er geen controle mogelijk is op de kwaliteit van het drinkwater, die in vele gevallen vaak erg slecht is. Het liberaliseren van de watermarkt zou een oplossing kunnen zijn, maar dat is volgens mijn weten wel het laatste waar in politieke kringen wordt aan gedacht.
Voilà… tot daar alvast wat schrijfsels over een eerste luik van mijn werk hier!
Binnenkort meer!