New:

Expediciones Tapir

Om het Santuario te leren kennen, vertrouwd te raken met de vegetatie en opnamewerk te kunnen doen (voor het maken van mijn vegetatiekaart), moet ik van tijd tot tijd het reservaat intrekken.

Ook de ‘Jefatura’, de afdeling van het ministerie van milieu dat hier in San Ignacio het Santuario beheert had een aantal redenen om daar boven op verkenning te gaan: het uitstippelen van routes voor de parkwachters (en eventueel ook voor toerisme) en het vinden van potentiële locaties voor ‘refugios’, die als kamp kunnen dienen voor onderzoekers (of dappere toeristen).

Dus hebben we samen twee expedities georganiseerd van elk ongeveer zes dagen met telkens een twaalftal personen: Jan en ik van het Pro-SNTN, Ingenieros Douglas en Miguel en parkwachters van de Jefatura, dragers en ‘macheteros’.

De tocht zelf begint eerst met vrij veel enthousiasme (Avontuur!), maar dat gevoel ebt al vrij snel weg om plaats te maken voor ergernis. Door de chacra’s valt het nog mee, omdat daar vrij vaak bewandelde paden zijn, maar eens in het bos begint de miserie. Tijdens Tapir II zijn we langs de meest gebruikte toegangsweg tot het reservaat gegaan, die wegens steil- en modderigheid al geen pretje is, maar voor de eerste expeditie zijn we gewoon op GPS naar boven getrokken, zelf een weg macheterend (en met gemiddeldes van 200m/u). Het nevelwoud (bosque de neblina) is zo ongeveer de ergste soort begroeiing om door te trekken: hard, kronkelig, laag en langs alle kanten uitstekend hout, een wirwar van bamboes, stekelige varens en het ontbreken van een vaste bodem wegens totaal bedekt met mos, dood (zacht en verraderlijk breekbaar) hout, bladeren en nog meer mos. Dat bos vormt dan ook zeer waarschijnlijk de beste bescherming van het reservaat: men moet al een zeer goeie reden hebben om hier door te willen trekken.

Eens hierdoorheen geworsteld komen we aan in de paramo zelf, waar het een stuk aangenamer stappen is, maar ook hier kunnen de elementen zeer vijandig worden, met name het weer. De uitstekende bergtoppen in het Santuario vormen een barriere voor de wolkenmassas die door de passaatwinden vanuit de Amazone worden aangevoerd. De wolken worden gedwongen te stijgen, koelen af en volgens de wetten van de fysica vallen al de waterdampdruppeltjes vervolgens naar beneden. Op ons. Regen, kou en wind (die de regen zelfs van onder doet komen, zodat de poncho ook niet veel helpt) hebben Tapir I vroeger dan gepland doen stoppen en ons tijdens Tapir II een hele dag in de tent gehouden.

Andere potentiele titels voor dit tekstje waren dan ook de songteksten ‘have you ever seen the rain’ (Creedence Clearwater Revival) of ‘que tontos que locos somos’ (wat voor een dwaze idioten zijn wij eigenlijk – uit ‘dos locos’ van los villacorta); beide liedjes gaan eigenlijk over iets anders, maar die twee zinnen zijn wel zeer toepasselijk voor het hele gebeuren.

Maar als Pachamama3 ons gunstig gezind is – en het dus mooi weer is - loont al dat afbeulen wel de moeite. De U-vormige valleien die de laatste 2 miljoen jaar beetje bij beetje zijn uitgeschuurd door gletsjerijs, de meren (Lagunas) op de bodem ervan en het onbelemmerde zicht over de paramovlaktes geven het Santuario een spectaculaire aanblik. Bovendien is het ook wel een beetje cool om door terrein te trekken waar waarschijnlijk nog nooit eerder een mens is geweest. Last but not least, dan is het ook mogelijk om observaties te maken en gegevens te verzamelen.

De temperatuur van het water maakt de lagunas niet bepaald aanlokkelijk om een duikje in te nemen, maar drie dagen zonder wasbeurt (en nog minstens drie meer te gaan), het niet willen onderdoen (Douglas, Miguel en Jan hebben het al gedaan) en het lokale (bij)geloof dat na het baden er in de beschaafde wereld plots veel meisjes geïnteresseerd zullen zijn in hij die gebaden heeft, hebben mij het water doen intrekken.

Na de terugkeer is het nog minstens een dag werken aan de ‘aftermath’: kuisen en drogen van ál het gerief. Omdat het water zowel van boven (regen), langs de zijkant (wind) als van onder (volledig verzadigde bodems) komt is alles tot de binnenkant van tent en slaapzak toe nat en vol modder.

Misschien nog een geruststellende nuance: hoewel we dus door onverkend terrein trekken en het een hele onderneming is houdt zo’n expeditie eigenlijk weinig risico’s in (het is nog altijd véél levensgevaarlijker hier een taxi te nemen). Het is wel koud en nat, maar het vriest niet, moest er echt een probleem zijn kunnen dragers eigenlijk heel snel terugkeren naar de bewoonde wereld en de beren en puma’s zijn op hun sporen na – eigenlijk jammer genoeg – niet te bespeuren. Het enige reëele gevaar zijn de uitstekende bamboespiezen, netjes afgehakt tot een vreselijk scherpe en harde punt door het gemacheteer. Combineer dat met de gladde, steile en vaak overgroeide paden en een doorboord oog of zo is nooit veraf. Maar we blijven voorzichtig.

Hasta Luego

Voor meer fotos (om al die lettertjes wat vlotter verteerbaar te maken):
http://www.facebook.com/home.php?#/album.php?aid=107848&id=544430221&ref=nf
http://www.facebook.com/home.php?#/album.php?aid=107838&id=544430221&ref=nf

en voor de niet-facebookers:

http://picasaweb.google.be/pieter.vandesype/TapirII#

http://picasaweb.google.be/pieter.vandesype/TapirI#

1: Zie derde foto. carne seca is (ook letterlijk vertaald) gedroogd vlees en hier in de streek een specialiteit. De beste stukken rundsvlees worden zeer fijn gesneden en enkele dagen te drogen gehangen, om daarna gekruid en gebakken te worden. Taai en zout, maar samen met wat cancha (geroosterde harde maiskorrels) een feestmaal na vier dagen tonijn uit blik met pasta. Op de foto ziet u carne seca dat nog niet droog genoeg was (slager had niet genoeg, hadden nogal veel besteld) en dat we zelf nog even moesten laten hangen.

2. Paramo is de typerende vegetatie van het Santuario, een beetje vergelijkbaar met toendra. Voor een beschrijving, zie:

http://en.wikipedia.org/wiki/Paramo

http://www.paramo.org/

3: Pachamama is het precolombiaanse (voor de invasie van de spanjaarden en eigenlijk ook nog van voor de inca’s) begrip voor moeder aarde (vergelijkbaar met gaia) en nog steeds heel belangrijk in dagdagelijkse geloofspraktijken. Door goed voor pachamama te zorgen (respect voor de natuur, het land duurzaam bewerken, offers brengen van alcohol, beeldjes, cocablaadjes,…) ontstaat een wederkerige relatie die haar ook gunstig gezind maakt ten opzichte van de mensen: goed weer, goede bodems, goede oogsten. Wij hebben verschillende keren cocablaadjes geofferd, maar er moet iets misgelopen zijn want enkele uren later begon het steevast te regenen. De blaadjes waren wel van slechte kwaliteit…

Voor meer fotos (om al die lettertjes wat vlotter verteerbaar te maken):
http://www.facebook.com/home.php?#/album.php?aid=107848&id=544430221&ref=nf
http://www.facebook.com/home.php?#/album.php?aid=107838&id=544430221&ref=nf

VN:F [1.9.3_1094]
I like this
6 people like this

5 Comments »

  1. leen said,

    September 11, 2009 - 2:23 pm

    zo veel kousen lijken mij een echt probleem voor u

  2. Yves said,

    September 13, 2009 - 8:49 am

    Ge vergeet nog Crying in the rain (Everly Brothers) en Rain & tears (Aphrodite’s child) in uw zesde alinea ;-)

    In elk geval good to see dat ge ginds al weer helemaal ingeburgerd zijt en geen blijvende hinder ondervonden hebt van uw weekje België :-)

    Hasta luego amigo!

  3. Silvy Van Daele said,

    September 25, 2009 - 11:50 am

    Jij doet wel alsof dat hard labeur is, maar eigenlijk zijt gij een ongelooflijke chansard om zoveel natuurpracht te mogen aanschouwen!

  4. Yves said,

    December 10, 2009 - 10:59 pm

    Ewel, waar blijven uw updates :-D

  5. pieter said,

    December 15, 2009 - 3:29 pm

    komen eraan…maar moet wat anekdotes meemaken natuurlijk, zodat het onderhoudend blijft :)

RSS feed for comments on this post

Leave a Comment