|
|
|
Vol van schaamte plaats ik mijn eerste update, na bijna anderhalf jaar. Mijn oprechte excuses aan iedereen die al deze tijd vol verwachting mijn weblog wilde bezoeken en een kille foutmelding kreeg (lieve Ruth, je hebt gelijk gehad, TQM). Iedereen die Ecuador wilde leren kennen, het leven van een (lange tijd enige nederlandstalige) ‘AT-junior’ in dit mooie land wilde leren kennen, maar telkens een even vlotte foutmelding kreeg. En zo misschien zijn interesse verliest. En dat mag niet gebeuren. In tegendeel, het zou uw interesse moeten opwekken. Voor alle lieve en geduldige geinteresseerden dus een korte samenvatting van anderhalf jaar in Ecuador. Anderhalf jaar in Proyecto Café Manabí. Anderhalf jaar in Portoviejo, de hoofdstad van de kustprovincie Manabí.
Ecuador ken je wellicht als een land van veel natuur, ongerepte jungle, vulkanen, Andes-gebergte, Galapogos, Indianen en panfluitmuziek. Als toerist herken je waarschijnlijk ook de te kleine bedden, slechte douches, toeterende taxi’s, ontzettend irritante auto-alarmen, reggaeton-muziek en ontzettend veel machismo. Manabí ken je dan wellicht als een provincie van veel zon, strand, veel feesten, visgerechten, veel surfers, ontzettend slechte wegen, het paarseizoen van de walvissen, nog meer reggeaton en nog meer machismo.
Dat is en heel mooi beeld van Ecuador. Een correct beeld ook. Een compleet beeld van Ecuador is het echter niet. Als AT-junior van de BTC heb ik het land ook op een andere manier leren kennen. Ik zie kinderen als een straathond vuilniszakken opentrekken op zoek naar eten. Meisjes van veertien met een kinderwagen. Ik zie de toenemende criminaliteit, het moeilijke bestrijden van de corruptie die zich op alle niveaus van de maatschappij in stand blijft houden. Ik zie de ontzettend slechte wegen en de regenval die de wegen nog verder aftakelt.
Ik kom in dorpen die alleen te paard bereikbaar zijn, waar elke vorm van communicatie met de buitenwereld niet bestaat, de telefoon heeft er geen bereik en internet is een verre droom. En dan hebben we nog ‘la hora ecuatoriana’, werkelijk elke Ecuadoriaan komt standaard te laat.
Deze ongemakken maken het werk er niet makkelijker op. Af en toe lijkt het werken zelfs onmogelijk. Maar juist deze toestanden zijn de reden waarom ik altijd in deze sector aan het werk heb gewild. Armoedige toestanden die voor ons Europeanen geschiedenis lijken, werpen hier nog steeds een donkere schaduw over de toekomst. Ik zou niet weten welke van deze wantoestanden het makkelijkst of het moeilijkst te bestrijden is. Wel weet ik dat het een psychologisch effect teweegbrengt dat ontzettend moeilijk te doorbreken is. Het moeizame en weinig constructieve verleden heeft bij de mensen een negatief toekomstbeeld geschetst, waar ze heel moeilijk van af wijken. Veel geloof hebben ze er niet in. Het idee dat ze zelf verantwoordelijk zijn voor hun eigen toekomst, wordt vaak sceptisch onthaald. De mentaliteit is er niet naar. Ze denken niet verder dan een paar dagen vooruit. En dat kun je ze niet kwalijk nemen gezien hun verleden met corruptie, natuurrampen en een waardeloos nationaal beleid. Geloof in een daadwerkelijk duurzame verbetering van de levenskwaliteit hebben ze grotendeels verloren. Ze hebben leren leven zonder veel aan de toekomst te denken. Een overlevingsmechanisme waarin ‘vandaag’ centraal staat. Misschien is juist dat wel het mooie van het leven hier. Maar tegelijkertijd is het de grootste belemmering op een betere toekomst.
Ook in ons werk hebben we namelijk te maken met deze mentaliteit. Mensen wachten af, hulp zien ze in eerste instantie als iets dat ze ontvangen, niet als iets waar ze zelf actief aan mee moeten doen. Binnen het project werken we aan de verbetering van de levenskwaliteit van de kleine koffieproducenten in de regio. Aangezien dit doel vrijwel onbereikbaar door middel van de koffie alleen, is er binnen het project een component gericht op de diversificatie. Onderdeel van deze componente is mijn werk, het werken met Cajas Rurales de Ahorro y Crédito (CRACs). Dit zijn heel kleine financiele instellingen op het platteland, opgestart met eigen lokaal kapitaal en waarin de mensen zelf alles doen. Onze hulp bestaat uit het vormen van de mensen, zodat ze de CRAC zelfstandig kunnen ‘managen’. Ze doen alles zelf, het geld komt van hen, zij doen de administratie, alles doen ze. Wij begeleiden alleen dit hele leerproces en sturen bij waar nodig. In plaats van het geld als kapitaal in deze bankjes te stoppen, investeren we het in een proces van capaciteitsversterking.
Heel kort is de werkwijze als volgt. In een afgelegen dorpje verzamelen zich een stuk of tien tot vijftien personen die besloten hebben samen een CRAC te vormen. Onder ons toezicht bepalen de mensen zelf hoe de CRAC zal functioneren. In eerste instantie leggen de mensen een beginkapitaal bij elkaar, meestal $5 of $10 per persoon. Zo beginnen ze dus in een groepje met minder dan $100. Dit is het begin in een groeiproces, waarin ze elke maand een bijdrage doen en de CRAC leningen begint te geven aan de socios. De wisnt die gemaakt wordt, wordt vervolgens verdeeld onder henzelf, een soort aandeelhouders-systeem dus. Vaak werd deze methdolgie vrij sceptisch en niet bijzonder positief ontvangen.
Eind mei is het één-jarige jubileum van onze eerste CRAC. Het is ongelofelijk om te zien wat er allemaal veranderd is. Intussen werken we met 23 CRACs, die samen al bijna $100000 aan leningen aan hun leden (socios) verdeeld hebben. Grotendeels uitgegeven aan het zaaien en/of oogsten van gewassen, het kopen van kleine hoeveelheden vee of het opzetten van een klein winkeltje. Tevens zijn er mensen die eindelijk kunnen trouwen, die hun schoolgeld tijdig kunnen betalen of gewoon op tijd hun zieke kind naar de arts kunnen brengen. Misschien geen diversificatie, maar zo ontzettend menselijk. En zonder CRAC betekende dit het verkopen van eigendommen of het gedwongen aangaan van een een ongecontroleerde lening met een woekerrente. Vaak het begin van een negatieve spiraal. De CRAC helpt hen deze problemen te omzeilen. Met eigen middelen. Op eigen kracht.
De sceptische mensen uit de gemeenschap hebben zich vaak achteraf toch bij de groep gevormd. Net als alle anderen zien zij de impact die de CRAC heeft op de gemeenschap. Ze zijn ‘om’. Naast het hebben van een winkeltje, een paar kippen of een varken, zien we nog iets belangrijkers. De socios van de CRAC spreken van droom die uitkwam, een droom die hen het gevoel gaf een eerste stap te doen naar een betere toekomst. Vol vertrouwen in eigen kunnen, hebben ze geloof om de volgende stappen naar een betere toekomst zelfstandig te kunnen en vooral te willen nemen. Het is ongelofelijk om te zien hoe een lening ter waarde van één avond Zillion hier een leven kan veranderen.
Het zijn wellicht kleine winstpuntjes, kleine stapjes die genomen worden, enkele zaadjes die de grond in gaan. Maar het belangrijkste is het geloof dat het de eerste stap op een lange weg is, een weg die omhoog leidt. En dat de zaadjes die de grond ingaan voor een langdurige en duurzame oogst kunnen zorgen. Aanvankelijk heb ik hier leren accepteren dat we de wereld niet kunnen veranderen. Gaandeweg heb ik leren beseffen dat de wereld in de ogen van de Ecuadorianen wel degelijk verandert. Elke micro-lening betekent voor hen een wereld van verschil. Al blijft het een andere wereld als de onze.



